De Klepperman

SWIPE ➤

Fotobijschrift: Pixabay

14-06-24

Femke Straub


De Klepperman: Een moderne hervertelling van een Hardenbergs icoon is de opzet van een theaterstuk over de oude nachtwacht van Hardenberg: Jan Willem Schutte. In dit artikel swipe je door het script van het theaterstuk.

DE KLEPPERMAN

Een moderne hervertelling van een Hardenbergs icoon

AKTE 1

SCENE 1
De theaterzaal is donker, de gordijnen zijn nog dicht. Rechts op het podium gaat een spot aan. Verlicht wordt een meisje in haar bed, met daarnaast haar moeder.

DOCHTER: Mama, wil je me alsjeblieft nog een verhaaltje vertellen voor het slapen?

MOEDER: Maar natuurlijk, lieverd. Wat voor verhaaltje wil je graag vandaag?

DOCHTER: Vertel nog eens over de stad!

MOEDER: De stad? Oh, maar dan heb ik nog wel een mooi verhaal voor je. Over de Klepperman van Hardenberg.

DOCHTER: De Klepperman?

MOEDER: De Klepperman was de nachtwacht van Hardenberg. Hij zorgde er ’s avonds en ’s nachts voor dat mensen zich aan de regels hielden. Niet geheel onbelangrijk, had hij de rol om de inwoners van Hardenberg te waarschuwen bij nood, zoals een brand. Hij riep dan om dat er brand was en zorgde ervoor dat het vuur op tijd gedoofd werd. Hij zorgde er dan ook voor dat huizen goed waren afgesloten en er buiten geen spullen bleven staan…

Al vertellend gaat de spot boven de moeder en dochter uit, zij verlaten het podium. De gordijnen gaan open en laten de binnenstad van Hardenberg zien: een groot plein, uitvoerig versierd, met een bakker, slager en de houten woonhuizen van de stad. Het decor wordt verlicht met de flikkerende, gele gloed van ijzeren lantaarnpalen. Boven het decor verschijnt: Hardenberg, 1929.

SCENE 2

Een lange man in een donkere jas en een bruine pet loopt in het schemerdonker door de stad. Zijn norse blik is in het schaarse licht bijna onzichtbaar. Het is muisstil, alleen in de verte klinken de klokken van een kerk.

VOICE-OVER MOEDER: …Al weken is het rustig in de stad. Voor Jan Willem, in de stad ook wel bekend als de Klepperman, wordt het bijna saai. Iedereen kent hem, hij kent iedereen, en de stad leeft volledig in harmonie.

De bakker loopt zijn zaak uit, het plein op.

BAKKER: Ha, Kleppie!

KLEPPERMAN: Dag bakker. Na negenen buiten zonder lantaarn, zie ik? Ik kan je hier een boete voor geven.

BAKKER (LACHEND): Ach, Klep, het was een lange dag. U weet er alles van. Na uw dienst, om vier uur, ligt er een broodje voor u klaar, goed?

De Klepperman glimlacht, knikt kort, en verlaat het podium.

SCENE 3

Het licht van de lantaarnpalen dooft uit. Het is donker op het podium, met uitzondering van een oranje licht dat opsteekt vanonder een vlaggenmast.

VOICE-OVER MOEDER: Die nacht breekt er brand uit op het dorpsplein. Het is niet zomaar een nacht: de volgende avond zal het geliefde Pleinfeest gevierd worden.

Het oranje licht wordt feller en neemt meer plaats in. Er vormen zich vlammen rond de versieringen op het plein. De Klepperman kleppert met zijn instrument.

KLEPPERMAN: Alarm! Sluit allen uw huizen! Er is brand op het plein!

Een aantal mensen verlaat hun huis. Moeders houden hun kinderen stevig bij zich en gaan aan de rand van het plein op zoek naar veiligheid. Een aantal mannen snelt naar voren om de klepperman te helpen de brand in bedwang te houden. Met emmers water gaan ze het vuur te lijf. Het podium wordt gevuld met rook.

MAN 1: Hup, blijven gooien!

MAN 2: Meer water, meer water!

VOICE-OVER MOEDER: In de rook ziet één van de mannen niet dat hij in plaats van een emmer water, een wijnvat over het vuur leeggooit.

MAN 1: Nee, geen wijn! Dat maakt het erger!

Het vuur laait op tot ver boven de hoofden van de burgers. Ze slaken kreten van angst en rennen naar de randen van het plein.

VOICE-OVER MOEDER: Het vuur dreigt de huizen te bereiken, de kerk, en de rest van de stad. Voor Jan Willem, de Klepperman, zit er niets anders op. Hij moet het vuur van binnenuit blussen.

KLEPPERMAN (MOMPELEND): Voor Hardenberg. Voor altijd.

De Klepperman grijpt een aantal emmers en verdwijnt in de vlammen.

AKTE 2

SCENE 4

Het podium is donker. Aan de rechterkant gaat weer een spot aan, de moeder en haar kind verschijnen.

DOCHTER: Mama, waarom is de Klepperman nou de vlammen ingesprongen? Ze waren toch al het vuur aan het doven?

MOEDER: Ja schat, wisten we het maar.

De moeder streelt haar dochter door haar haar.

MOEDER: Soms zit er niets anders op dan het kwaad te confronteren.

DOCHTER: Konvon-watte?

MOEDER (LACHEND): Confronteren. Om zelf de strijd aan te gaan. De Klepperman wil zijn stad beschermen, en dit is hoe hij dat doet.

De spot gaat weer uit en de moeder en haar dochter verdwijnen van het podium.

SCENE 5

Het plein wordt weer onthuld. Oranje en rode lichten schijnen wild op het podium, van de versieringen op het plein zijn slechts nog smeulende resten over. De groep mannen probeert nog altijd driftig het vuur te doven.

VOICE-OVER MOEDER: De brand is inmiddels verder onder controle, maar van de Klepperman ontbreekt nog ieder spoor. Urenlang wachten de inwoners rond het plein. Zelfs de groep vrouwen heeft zich intussen in tweeën gesplitst: de ene groep let op de kinderen, terwijl de rest meehelpt met blussen.

VOICE-OVER MOEDER: Er klinkt een luid sissend geluid. De laatste vlammen doven, en een grote rookwolk doemt op over het podium. Met hun handen voor hun ogen kijken de mensen toe naar de grijze massa. Het gesis stomt weg en maakt plaats voor een ander geluid: een dof geklepper.

Uit de rook verschijnt een gedaante, het geklepper neemt gestaag toe. Met een paar stappen staat de nachtwacht weer tussen de mensen. Zijn gezicht vol vegen, zijn tong zwart, maar hij staat nog recht. De mensen barsten uit in luid gejuich.

MAN 3: Hulde aan de Klepperman!

VROUW 2: Hij heeft ons gered!

KLEPPERMAN: Het is enkel mijn werk, het is wat ik doe.

Een kind wurmt zich los uit de armen van zijn moeder en rent naar Jan Willem, om zijn benen te omhelzen. Hij kijkt op naar de Klepperman. Die weet zich geen houding te geven: met zijn klep nog in zijn hand zwaait hij kort met zijn armen en klopt daarna het jongetje zacht op zijn rug

KIND: Ik dacht altijd dat u heel eng was, meneer de Klepperman. Maar eigenlijk bent u heel lief.

De moeder van het kind slaat haar hand voor haar mond en rent naar voren. De Klepperman maakt een kalmerend gebaar met zijn hand.

KLEPPERMAN: Het is goed, jongen. Ik zou Hardenberg altijd veilig houden voor jullie. Dat is alles waar ik om geef.

Het jongetje laat Jan Willem los, en loopt weer naar achteren. Zijn moeder trekt hem snel naar zich toe.

VROUW: Het spijt me zo, meneer. Hij is soms zo enthousiast. En u heeft ons echt gered, weet u.

De Klepperman glimlacht kort. Met zijn klep tikt hij zijn pet aan en knikt kort met zijn hoofd.

KLEPPERMAN: Ga snel weer naar bed, jongelui. ’t Is morgen weer vroeg.

De Klepperman draait zich om en vervolgt zijn ronde. De mensen halen hun emmers naar binnen en gaan hun huizen weer in.

SCENE 6

Het licht dooft op het podium. Aan de rechterkant verschijnen de moeder en dochter voor een laatste keer. De spot boven hun hoofd schijnt een stukje minder helder.

MOEDER: Het Pleinfeest in Hardenberg duurde nog dagen. De Klepperman redde de stad van een ramp, maar voor hem was dat gewoon zijn werk. Hij hoefde daar nooit iets voor terug.

DOCHTER: Mama, zijn er ook Kleppervrouwen geweest?

MOEDER (LACHEND): Ik denk het niet, schat. Het was in die tijd nog niet zo normaal dat vrouwen gingen werken. Daarom was het ook zo bijzonder dat de vrouwen in het verhaal meehielpen de brand te blussen.

Het meisje glundert en balt haar vuisten.

DOCHTER: Mama, wacht maar. Later word ik de Kleppervrouw van Hardenberg!

De moeder omhelst haar dochter, stopt haar in en geeft haar een kus op haar voorhoofd voor het slapengaan.

MOEDER: En Hardenberg zal eeuwig veilig zijn.

De spot gaat uit, het podium is donker. De gordijnen gaan dicht.